Terug naar de homepage
 

Geschiedenis van de boerderij

Deze oude hofstede is al veel ouder dan de datum-ankers in de achtergevel ons vertellen. De naam 'De Beek' is er twee eeuwen terug pas aan gegeven.

Cleijn Davelaer, werd deze hoeve genoemd in een acte van 1395. Johannes Evertsz was toen de eigenaar. Ongetwijfeld is deze hofstede afgescheiden van het goed Davelaer, wat we al kennen vanaf 1373 en wat toen wellicht meer dan 150 ha groot was. Was het aanvankelijk een geheel van hout opgetrokken boerderij, zoals alle andere hofstede in de Gelderse Vallei, later werd ook hier de behuizing versteend. Onder de brandgevel vinden we ook nu nog oude kloostermoppen die wellicht uit de 14e of 15e eeuw stammen. In 1830 was er 13 ha grond bij de boerderij maar 4 jaar later bij het overlijden van Klaas van Voorthuyzen was de hofstede 24 ha en 40 roeden. Honderd jaar terug werd deze boerderij verkocht voor f. 3437,50. Er was toen bijna 13 ha grond bij. Twee maal is 'De Beek' afgebrand en wel in 1880 en 1884.

Aard van het bedrijf.

Het bedrijf is altijd een gemengd bedrijf geweest dus akkerbouw en veeteelt, en zo lezen we ook dat er in 1820 twee schaapshokken waren en twee koornbergen. Ook toen stond er al een bakhuis naast het met riet en stro gedekte huis, evenals nu. In die tijd bakte men immers zelf het brood van eigen rogge. Het tarwebrood zal misschien van aangekochte bloem zijn gebakken want op de arme schrale gronden hier kon geen tarwe worden verbouwd. Nog altijd ademt deze hofstede iets van de rust van weleer. De vriendelijkheid en rust, de eenvoud van het landleven zijn schijnbaar op de verschillende eigenaars overgegaan als een erfenis.

Periode 1983 - 2000

Sinds 1983 wordt de hofstede bewoont door de huidige eigenaars, de familie Ploeg. Toen zij het bedrijf kochten was het in een verwaarloosde staat. Bovendien was toen reeds het quoteringssysteem in werking gesteld. Met heel veel moeite is het gelukt om weer een melkquotum te krijgen. Vanaf 1983 liepen er weer koeien in de wei en werden er karnemelk en scharreleieren aan huis verkocht. De veestapel werd langzamerhand uitgebreid en in 1990 werden er 16 koeien gemolken. Al deze melk werd verwerkt tot karnemelk, boter, vla, yoghurt, kwark en biogarde. Daarnaast werden er groente, aardappelen en fruit op de deel te koop aangeboden. Erg intensief maar het gaf veel voldoening. Door ziekte is in december 2000 de zuivelboerderij opgeheven.

In 2001 is de boerderij een Rijksmonument geworden. Op 12 juni 2004 is de boerderij door de Boerderijen Stichting Utrecht uitgeroepen tot de mooiste boerderij van de provincie Utrecht in het jaar 2004. Dit is een erkenning voor de huidige bewoners voor al het werk dat er altijd gedaan wordt om de boerderij zoveel mogelijk in oude staat te bewaren. Uiteraard zijn we daar erg blij mee.

Ongemerkt zijn wij terrecht gekomen in de creatieve sector. Op de deel is een Quiltwinkel gerealiseerd met een uitgebreide collectie folklore en rozen stoffen (amish stijl) en er worden quiltcursussen gegeven. Ook is de deel te huur voor allerlei aktiviteiten. (max. 50 personen)

Wanneer u meer wilt weten over de geschiedenis van deze boerderij en de bewoners kunt u contact opnemen met de vereniging 'Oud Scherpenzeel'.

 
Ontwerp, techniek en realisatie: Verrips Digitale Diensten